werkvormen‎ > ‎

rouwverwerking

"Het litteken gaat niet weg, maar het jeukt een beetje"


De dood is voor iemand met een verstandelijke beperking moeilijk te begrijpen. Het rouwproces verloopt langzamer en het duurt vaak lang voordat de verstandelijk gehandicapte begrijpt dat de overleden persoon er niet meer is. Voor de omgeving is inleving in het niveau van de belevingswereld een eerste vereiste om met de betrokkene te communiceren en te kunnen helpen met de verwerking. Naast de dood zijn er ook andere gebeurtenissen die rouw teweeg kunnen brengen zoals afscheid, uithuisplaatsing, verandering van omgeving, een andere school, etc.Door te werken vanuit het denken-voelen-doen principe ontstaat in de eerste plaats dit noodzakelijke contact en kan vervolgens samen toegewerkt worden naar het delen van de rouw. Het verdriet krijgt een plaats; het contact met zichzelf en de omgeving wordt hersteld en de cliënt krijgt weer grip op zijn leven, naast het verdriet en het gemis. Het delen van de rouwverwerking is vaak op praktisch concreet niveau: tekenen (het werkboek) is een goed middel om emoties/rouw te verwerken, te delen